ONA Krommenie 004

Boedelscheiding na het overlijden van Klaas Bakker.

Erfgenamen: Jan, Willem, Trijntje en Cornelis Bakker

No. 23, d.d. 21 juni 1826.

    Voor Jacobus Alberti, openbaar Notaris Residerende te Kromme­nie, Provincie Noord-Holland district Haarlem zijn Gecompareer­de,

    Jan Bakker, Veldwachter wonende te Krommenie, nagelaten Meer­derjarige Zoon van Wijlen Klaas Bakker gewoond hebbende te Krommenie en aldaar op den Zesde November Agtienhonderd Vijf en Twintig overleden, ter eenre Zijde,

    Willem Bakker Arbeider mede te Krommenie woonagtig, mede Meerderjarige Zoon van Klaas Bakker, in Later Huwelijk Verwekt bij wijlen Maartje Komen, ter Tweede Zijde,

    desselve Jan Bakker en Cornelis van Assema, Koopman wonende te Krommenie in Kwaliteit als door een Familieraad ten overstaan van de Heer Vrederegter van het Kanton Beverwijk de Eerste als Voogd en de Tweede als toeziende Voogd over Trijntje en Cornelis Bakker Minderjarige Nagelaten Kinderen van desselve Klaas Bakker en Maartje Komen, ingevolge verbaal daar van op den Agtste November Agtienhonderd vijf en Twintig gepasseerd en den Zeven en Twintigste daar aan volgende te Zaandam geregistreerd ter derde Zijde. 

    te samen alzoo te samen de Enige Kinderen en Ervgenamen ab intestato, van dezelve Klaas Bakker: en zij Willem, Trijntje en Cornelis Bakker daar boven, Eenige nagelaten Kinderen en Ervge­namen van Maartje Komen, voor overleden Huisvrouw van voorge­melde Klaas Bakker, en alzoo mede Ervgenamen voor hun ieder Moederlijk Ervdeel,

    te kennen gevende dat desselve hun Vader in gemeenschap van Goederen met gezegde Maartje Komen gehuwd geweest zijnde in Huwelijk had aangebracht, 

    Een Huis en Erv staande en gelegen te Krommenie op het Kerkpad, door hun bewoond wordende, hetwelk Huis of het Provenu daar voor in gevolge de Wet niet in ge­meenschap van Goederen kunnende komen, het Moederlijk Erv­deel alzoo uit de Roerende Goederen of het Provenu daar van, uit Kragt van de Gemeenschap voor de Helft naar aftrek der Gemene Schulden moet genomen worden,

    dat zij Comparanten, deze Boedel en Nalatenschap hadden aan­vaard vervolgens de Roerende en onroerende Goederen op de wijze bij de Wet voorgeschreven hebbend Verkogt, de daarvan Geprovenieerde Gelden Geïncasseerd, de Schulden en Lasten des Boedels voldaan en alzoo deze Nalatenschap Gebragt tot den Staat om thans tusschen de gesamentlijke Ervgenamen te kunnen worden verdeeld.

    dat zij Comparanten zodanig zij heden ten deze Paraisseerden verklaarden Genoegen en Gesolveerd te zijn om die Verdeling als nu tot stand te brengen en te Effectueren en zulks uit Hoofde van de Minderjarigen ten dezen geintresseerd, ingevolge de voorschriften der Wet van den Twaalfde January Agtienhonderd Zestien no. 26 Art: 9, en alzoo in tegenwoordigheyd van de bovengenoemde toeziend Voogd, en ten overstaan van de Heer Vrederegter van het Kanton Beverwijk welke ten dien Einde Geadsisteert met desselve Griffier de Heer Simon Josephus Schermer wonende in de Beverwijk op heden mede voor ons Notaris en Getuigen zijn gecompareerd.

    en is na al dit Gestelde bevonden de Situatie des Boedels te zijn, zoo als hier in Volgt:

Het Provenu der Verkogte Meubelen, Goederen en alzoo tot Gemeene boedel van Klaas Bakker en Maartje Komen behorende heeft bedragen, na aftrek van onkosten de Somma van Vijf Honderd 

Zeventien Guldens en Twaalf Cent  -----------------               fl. 517.12

waar af moeten Getrokken de navolgende

Schulden tot den Gemene Boedel behoorende

alle welke voldaan zijn, als:

 

Jasper van Eden, Timmerman -------------     fl.  19,22

Arend IJpenburg, Chirurgijn ------------         fl.133,25

Louis Schut, Schoolonderwijzer     ---------     fl.    2,07

Philip Kessler, Chirurgijn -------------             fl.  20,10

Anthonij Verdoorn, Grossier ------------         fl.  19,50

Jenske Rinses, Winkelwaren -------------       fl. 16,06

Hendrik Kloppenburg, Metselaar     ---------   fl. 21,15

Gebroeders Meijling, Winkelwaren --------     fl.     7,55

J. Peter, Med: doctor ------------------           fl.     8,00

                                                               ____________

                                                                         fl. 246,90

                                                                                          ___________

Komt Zuiver Afkomst van den Gemene Boedel   --------      fl. 270,22     

Het Provenu van het Verkogte Huis en Erv waarin alle de Vier Ervgenamen, voor 

Vaderlijk Ervdeel delen   --------------     fl. 581,--

waarbij komt:

Gelden in de Boedel gevonden   --------- fl.  60,33

Verdiend arbeydsloon na het overlijden

door Willem en Cornelis Bakker ----- fl.  27,35

Huur van een Spinwiel -----------------   fl.  00,25

voorschot busgeld(?) ontvangen  -------- fl.  00,52 1/2

                                                             ______________

komt Provenu     ------------------------ fl. 669,45 1/2

 

Waar af Getrokken moet worden de na

volgende Schulden tot den Boedel van

de overledene behorende alle voldaan

zijnde als,

aan de Huishouding van het overlijden af,

onkosten bij het verkopen der goederen, 

 

Loon der dienstmaagd volgens Dagjournaal  fl. 134,69 1/2

Lands en dorpslasten --------------------     fl.  10,37

de Heer Vredereghter volgens Kwitantie -    fl.  65,27

aan Plakgelden en verdere onkosten bij

de verkoop van het Huis ----------------     fl.  22,05

de prooivrouw(?) Willikes vlg. kwitantie      fl.  16,58

Joh. Enschede, advertentie -------------   fl.  10,80

Jan Heinis, drinkloon ------------------     fl.   3,60

Jasper van Eden, doodkist -------------- fl.  14,--

Johannes Albert, Tractiloon ------------    fl.   6,--

C.W. Walbregt, doodgoed --------------- fl.   9,25

de Notaris J. Alberti ------------------     fl.  33,50

de Heer Vrederegter bij de Scheiding ---     fl.   6,--

                                                         ______________

                                                                fl. 332,11 1/2

 

Komt Zuiver Afkomst voor den Boedel van 

de overledeneen ----------------------------------    fl. 337,34 

                                                                               __________

                                                                                 fl. 607,56

Komt alzoo het Geheele Deelbare Massa 

in Contante Penningen, als Per Transport 

van de andere (blad)zijde ------------------------      fl. 607,56

 

Waarin Compateeren Willem, Trijntje en

Cornelis Bakker voor af haar Moederlijk

Ervdeel, zijnde de 1/2 van het Vorenstaande

Provenu der Roerende Goederen -----------     fl. 135,11

 

Jan, Willem, Trijntje en Cornelis

Bakker, Kragtens de Gemeenschap van

Goederen voor de Wederhelft in het

Provenu der Roerende Goederen ------------    fl. 135,11

 

dezelve het vorenstaande Provenu der

Onroerende Goederen -----------------------    fl. 337,34

                                                                         __________

                                                                          fl. 472,45

                                                                                               __________

Maakt alzoo mede het bovenstaande

deelbaar Massa van ----------------------------                        fl. 607,56

    En als nu ter Verdeling overgaande:

zoo is aan Jan Bakker voor zijn 1/3 in zijn Vaderlijk Ervdeel en in voldoening daar van aanbedeeld in Contante  Penningen, fl. 118,11 1/4

 

Aan Willem Bakker is in volle voldoening van zijn 1/4 in het Vaderlijk Ervdeel, en in 1/3 van zijn Moederlijk Ervdeel aanbedeeld in Contante Penningen als:

Vaderlijk Ervdeel       fl. 118,11 1/4

Moederlijk Ervdeel     fl.  45,03 2/3

                               ______________

te Zamen                   fl. 163,14 11/12

 

Aan Jan Bakker als Voogd over Trijntje Bakker is ten haren behoeven in volle voldoening van haar 1/4 in het Vaderlijk en 1/3 in het Moederlijk Ervdeel in Contanten Penningen aanbedeeld, als:

Vaderlijk Ervdeel       fl. 118,11 1/4

Moederlijk Ervdeel     fl.  45,03 2/3

                                 ______________

te Zamen                    fl. 163,14 11/12

 

Aan dezelve Jan Bakker als Voogd over Cornelis Bakker is ten zijnen behoeven in volle voldoening van zijn 1/4 in het Vaderlijk en 1/3 in het Moederlijk Ervdeel in Contanten Penningen aanbedeeld als:

Vaderlijk Ervdeel       fl. 118,11 1/4

Moederlijk Ervdeel     fl.  45,03 2/3

                              ______________

te Zamen                   fl. 163,14 11/12

    met welke schifting Scheyding en verdeling Comparanten zoo als zij ten deze Paraisseren verklarenden te nemen volkomen Contentemend en Genoegen houdende Mitsdien de Nalatenschap van Klaas Bakker en Maartje Komen voor finaal Gescheyden en Verdeeld, zonder deswegens iets ten Lasten van Elkanderen of in het Gemeen gehouden te hebben direct of indirect met belofte om Elkanderen om geen nadere Scheyding, Herscheyding, Rekening of Herrekening te zullen aanspreken of Lastig vallen, hetzij in Regten of daar buyten, heen maar Elkanderen over en weder Tegens elke en een iegelijk te zullen Indemneren en Vrijwaren als in Cas(?) van Boedelscheyding behoord onder verband als Volgens de Wet.

 

Gepasseerd te Krommenie den Een en Twintigste Juny Agtienhonderd Zes en Twintig (21-juni-1826) ten overstaan van den Heer Vrederegter voornoemd, geadsisteerd met desselfs Griffier, in tegenwoordigheyd van Gerrit Wildeman Kasteleijn en Pieter de Jong, Arbeider, beyde wonende te Krommenie als getuigen, die de Minute benevens de Comparanten, de Heer Vredereghter desselfs Griffier en mij Notaris na gedane voorlezing hebbend getekend.

 

Ondertekend door:

Jan Bakker,                        Willem Bakker

Cornelis van Assem            Gerrit Wildeman

Pieter de Jong                     N. Schierelinbes

Simon Joseph Schermer      J. Alberti

 

Geregistreerd te Zaandam de 29 juni 1826, deel 16, T.12

Bron:

GA Zaanstad

ONA Krommenie 

Microfiche . . . . .

_________________________________________________________________________________

© 2002  Dé Wintersteijn, Krommenie

Deze pagina is onderdeel van de homepage van: Dé Wintersteijn